Woordenboek
Hypotheekbegrippen van A tot Z
De belangrijkste hypotheek- en woningtermen kort en helder uitgelegd, met links naar uitgebreide uitleg.
- Aflossingsvrije hypotheek
- Hypotheekvorm waarbij je alleen rente betaalt en niet aflost. Voor nieuwe gevallen sinds 2013 zonder renteaftrek. Meer →
- AFM
- Autoriteit Financiële Markten — de toezichthouder die hypotheekadviseurs een vergunning verleent en controleert.
- Annuïteitenhypotheek
- Hypotheek met een gelijkblijvende maandlast: eerst veel rente, later veel aflossing. Recht op renteaftrek. Meer →
- Bijleenregeling
- Fiscale regeling die je renteaftrek beperkt als je overwaarde niet opnieuw in de eigen woning investeert. Meer →
- BKR
- Bureau Krediet Registratie — registreert leningen en schulden. Een negatieve BKR-codering beïnvloedt je hypotheekaanvraag.
- Boeterente
- Vergoeding aan de geldverstrekker voor vervroegd aflossen tijdens de rentevaste periode. Bij oversluiten eenmalig aftrekbaar. Meer →
- Eigenwoningforfait
- Bijtelling bij je inkomen van een percentage van de WOZ-waarde, die je netto renteaftrek verlaagt. Meer →
- Erfpacht
- Recht om grond van een ander (vaak de gemeente) te gebruiken tegen een periodieke vergoeding (canon). Beïnvloedt de financiering.
- Hypotheekrenteaftrek
- Aftrek van de hypotheekrente van je inkomen in box 1, in 2026 tegen maximaal 37,56%. Meer →
- Kifid
- Klachteninstituut Financiële Dienstverlening — het onafhankelijke loket voor klachten over financieel advies.
- Kosten koper (k.k.)
- De bijkomende kosten bovenop de koopprijs (belasting, notaris, taxatie, advies): doorgaans 4 à 6%. Meer →
- Leennormen
- De jaarlijkse normen (Nibud) die bepalen hoeveel je maximaal mag lenen op basis van inkomen en rente. Meer →
- Lineaire hypotheek
- Hypotheek waarbij je elke maand evenveel aflost; de maandlast daalt en je betaalt minder rente. Meer →
- NHG
- Nationale Hypotheek Garantie — vangnet bij betaalproblemen plus rentekorting, mogelijk tot € 470.000 (2026). Meer →
- Ontslag hoofdelijke aansprakelijkheid
- Bij scheiding: de vertrekkende partner wordt door de bank ontslagen van aansprakelijkheid voor de hypotheek. Meer →
- Overbruggingshypotheek
- Tijdelijke lening op je verwachte overwaarde, zodat je kunt kopen voordat je oude woning is verkocht. Meer →
- Overdrachtsbelasting
- Belasting bij aankoop van een bestaande woning: 2% (eigen woning), 8% (belegger) of 0% (startersvrijstelling). Meer →
- Oversluiten
- Je hypotheek vervangen door een nieuwe, meestal voor een lagere rente. Meer →
- Overwaarde
- Het verschil tussen de waarde van je woning en je resterende hypotheekschuld. Meer →
- Provisieverbod
- Sinds 2013: de geldverstrekker mag de adviseur geen provisie betalen; jij betaalt het advies direct. Meer →
- Rentevaste periode
- Het aantal jaren dat je rente vaststaat. Langer vast = meer zekerheid, meestal een hoger tarief. Meer →
- Restschuld
- Het deel van de hypotheek dat overblijft als je woning met verlies wordt verkocht.
- Startersvrijstelling
- Vrijstelling van overdrachtsbelasting (0%) voor kopers van 18-34 jaar tot een woningwaarde van € 555.000 (2026). Meer →
- Taxatie
- Onafhankelijke waardebepaling van de woning, nodig voor de hypotheekaanvraag.
- Toetsinkomen
- Het inkomen waarmee de geldverstrekker je maximale hypotheek berekent. Voor zzp'ers vaak het gemiddelde van enkele jaren winst. Meer →
- Vergelijkingskaart
- Verplicht document (sinds 2023, voorheen het DVD) met de dienstverlening, onafhankelijkheid en kosten van de adviseur. Meer →
- WOZ-waarde
- De door de gemeente vastgestelde waarde van je woning, basis voor het eigenwoningforfait en lokale belastingen.